Deze update is geschreven door:

Sascha Lang
Update

Dwangsommen na een vonnis: wanneer kunt u de incasso tegenhouden?

Door Sascha Lang

Uw onderneming heeft na een veroordeling de notaris ingeschakeld, documenten aangeleverd of online publicaties verwijderd. Toch vordert de wederpartij tienduizenden euro’s aan dwangsommen. U heeft naar eigen zeggen alles gedaan wat mogelijk was. Is dat voldoende om betaling tegen te houden?

Het antwoord hangt af van de verplichting die de rechter precies heeft opgelegd, de daadwerkelijk verrichte handelingen en de oorzaak van eventuele vertraging. Twee uitspraken uit 2026 laten dat scherp zien. In de ene zaak werd de incasso van € 62.000 aan aangezegde dwangsommen geschorst. In de andere hield een aanspraak van € 90.000 in kort geding stand. Voor ondernemers zit de belangrijkste les in het verschil tussen aantoonbare naleving en een onvoldoende onderbouwde verklaring achteraf.

Dwangsommen innen: de veroordeling bepaalt de grenzen

Een rechterlijke dwangsom is een financiële prikkel om een bevel of verbod na te leven. Denk aan medewerking aan een levering, afgifte van bedrijfsinformatie of verwijdering van onrechtmatige content. Wie meent dat de dwangsom is verbeurd, kan deze in beginsel innen op basis van de uitspraak waarin zij is opgelegd. Een tweede veroordeling tot betaling is daarvoor niet steeds nodig.

Dat maakt zorgvuldig lezen essentieel. Welk resultaat verlangt het dictum, binnen welke termijn en voor welke gedraging geldt de dwangsom? De executierechter legt de veroordeling uit aan de hand van haar doel en strekking. Hij mag de oorspronkelijke verplichting daarbij niet uitbreiden. Deze beoordeling verschilt van de vraag of het oorspronkelijke vonnis inhoudelijk juist was, zoals wij uitleggen in onze blog over schorsing van de executie van een vonnis.

De zaak uit 2026: levering van een gemeenschappelijk terrein

In Rechtbank Oost-Brabant 12 februari 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:1119 waren verkopers veroordeeld tot levering van onverdeelde aandelen in een gemeenschappelijk binnenterrein. Aan die verplichting was een dwangsom verbonden van € 200 per dag, met een maximum van € 100.000. De kopers maakten aanspraak op € 62.000 en lieten onder meer beslag leggen op voertuigen en onroerend goed.

De verkopers bestreden de incasso. De notaris had verschillende conceptakten opgesteld, maar levering was uitgebleven. De voorzieningenrechter schorste de uitvoering voor de reeds aangezegde dwangsommen en hief de daarvoor gelegde beslagen op. De betekening van een herstelarrest was gebrekkig. Daarnaast beoordeelde de rechter, ten overvloede, de opstelling van de kopers zelf.

Een herstelarrest kan nieuwe betekening noodzakelijk maken

Op grond van artikel 611a lid 3 Rv kunnen dwangsommen niet worden verbeurd voordat de uitspraak is betekend. Daarmee wordt de veroordeelde formeel duidelijk gemaakt dat naleving wordt verlangd. Een door de rechter bepaalde nalevingstermijn moet vervolgens eveneens worden gerespecteerd.

In de Brabantse zaak had het hof achteraf aan zijn beslissing toegevoegd dat binnen veertien dagen na betekening moest worden geleverd. Dat herstelarrest was niet betekend. Volgens de voorzieningenrechter was de termijn niet al uit het oorspronkelijke arrest kenbaar. Daarom kon de eerdere betekening hier niet zonder meer de incasso dragen.

Dit betekent niet dat iedere correctie van een uitspraak alle eerdere executiestappen ongeldig maakt. De aard van de wijziging en de kenbaarheid daarvan zijn bepalend. Laat bij een herstelbeslissing de actuele executoriale stukken en de betekening dus opnieuw beoordelen.

De schuldeiser mag noodzakelijke medewerking niet blokkeren

Daarnaast waren de kopers aanvullende garanties gaan verlangen die niet uit de veroordeling volgden. Hun weigering om zonder die garanties mee te werken, stond volgens de voorzieningenrechter aan de levering in de weg. Het dossier met opeenvolgende conceptakten maakte zichtbaar waar de vertraging was ontstaan.

Daarmee kwam schuldeisersverzuim in beeld. Op grond van artikel 6:62 BW mag een schuldeiser tijdens zijn verzuim geen executiemaatregelen nemen. De Hoge Raad verduidelijkte op 22 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2455, dat gedurende dat verzuim ook geen dwangsommen worden verbeurd. De executierechter mag hierover oordelen.

Voor commerciële geschillen is dat relevant wanneer uitvoering medewerking van beide partijen verlangt. Een wederpartij kan een veroordeling niet gebruiken om onder druk van oplopende dwangsommen extra contractvoorwaarden af te dwingen. Wel moet vaststaan dat de verlangde medewerking daadwerkelijk noodzakelijk was en uw eigen aanbod aan de veroordeling voldeed.

Onmogelijke nakoming vraagt een andere beoordeling

Het verweer dat de schuldeiser zelf uitvoering blokkeert, moet worden onderscheiden van een beroep op onmogelijkheid om na te komen. Voor dat laatste biedt artikel 611d Rv een specifieke route bij de rechter die de dwangsom heeft opgelegd. Deze kan onder voorwaarden de dwangsom opheffen of verminderen, of de looptijd opschorten.

De maatstaf is streng. Volgens Hoge Raad 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1783, moet worden onderzocht of de veroordeelde redelijkerwijs al het mogelijke heeft gedaan. Ook als medewerking van anderen nodig is, moet hij zich daarvoor voldoende inspannen. Moeilijkheden, vertraging of goede bedoelingen zijn op zichzelf onvoldoende.

Ook het tijdstip telt. Dwangsommen die al waren verbeurd voordat de onmogelijkheid ontstond, kunnen op deze grond niet worden opgeheven of verminderd. Artikel 611d is daarom geen algemene mogelijkheid om een achteraf hoog uitgevallen rekening te laten matigen.

Een TikTok-fragment leidde tot € 90.000 aan dwangsommen

De andere kant blijkt uit Rechtbank Den Haag 29 juni 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:17586. Een artiest moest beeldmateriaal van een minderjarig kind van verschillende sociale platforms verwijderen en verwijderd houden. Een fragment bleef op TikTok staan. De wederpartij stelde dat over achttien dagen € 90.000 aan dwangsommen was verbeurd.

Het beroep op een technische storing slaagde niet. Algemene informatie dat verwijderde berichten soms zichtbaar blijven, bewees niet dat hier daadwerkelijk een storing was opgetreden. Bovendien had de veroordeelde moeten controleren of de verwijdering was gelukt. De voorzieningenrechter wees zijn vorderingen tegen de incasso af.

Voor ondernemingen met websites, webshops en sociale accounts is de vertaalslag duidelijk: voer een verwijderingsbevel uit op alle bestreken kanalen en controleer het resultaat. Een instructie aan het marketingbureau is nog geen bewijs van volledige naleving. Bij media- en publicatiegeschillen verdient die controle vanaf het eerste moment aandacht.

Maak van naleving een controleerbaar dossier

Bewaar het vonnis, het betekeningsexploot, alle termijnen en een chronologisch overzicht van de uitvoering. Bij een overdracht zijn conceptakten en reacties relevant; bij een technisch bevel kunnen logbestanden, schermafbeeldingen en correspondentie met de leverancier doorslaggevend zijn. Leg vast wat is uitgevoerd, wanneer dat gebeurde en wie het resultaat heeft gecontroleerd.

De partij die dwangsommen incasseert, moet de gestelde overtredingen onderbouwen. Daartegenover moet uw onderneming haar verweer concreet maken. Een beroep op een storing vraagt bijvoorbeeld om gegevens over de betreffende storing, niet alleen een algemene beschrijving van mogelijke systeemproblemen. Financiële gevolgen moeten eveneens met actuele stukken worden onderbouwd.

Vraag een voorziening die precies aansluit op het probleem

Via een executiegeschil op grond van artikel 438 Rv kan bij spoed onder meer schorsing van de incasso worden gevraagd. Benoem welke dwangsommen, welke periode en welke beslagen het geschil betreft. Het starten van een procedure legt de uitvoering niet vanzelf stil.

De Brabantse uitspraak illustreert het belang van die afbakening. De incasso van de reeds aangezegde dwangsommen werd geschorst, maar de gevraagde bescherming tegen mogelijke toekomstige dwangsommen werd bij gebrek aan onderbouwing afgewezen. Een voorlopige maatregel vervangt bovendien geen definitieve beslissing in een bodemprocedure. De juiste inzet van een kort geding vraagt dus meer dan een algemeen verzoek om alles stop te zetten.

Laat de uitvoeringsstrategie tijdig beoordelen

Een dwangsomgeschil begint bij de precieze veroordeling en een betrouwbaar uitvoeringsdossier. Vervolgens moet duidelijk zijn of het geschil gaat over naleving, schuldeisersverzuim of onmogelijkheid. Die keuze bepaalt mede welke rechter en welke vordering passend zijn.

Wordt uw onderneming geconfronteerd met een dwangsomclaim, of wilt u zelf dwangsommen innen? Guldemond Advocaten verbindt executierecht met de zakelijke belangen achter het geschil. Neem contact op om de titel, het bewijs en de noodzakelijke vervolgstappen te beoordelen.

Lees meer updates
Zilveren vulpen op een envelop voor zakelijke correspondentie.
Een gebrekkige prestatie ontdekt? De Hoge Raad laat zien waarom tijdig klagen, zorgvuldig onderzoek en een volledig procesdossier verschil maken.
Stapels euromunten in warm licht tegen een donkere achtergrond.
Uw leverancier presteert onvoldoende. Wanneer mag u facturen achterhouden? Recente rechtspraak over opschorting, proportionaliteit en de risico’s van een betaalstop.
Containerschip en havenkranen van boven bij nacht, als beeld voor internationale handel.
Een buitenlandse handelspartner beëindigt de samenwerking. Een nieuw arrest laat zien waarom u de bevoegde rechter moet bepalen vóór u gaat procederen.